Poster Image For Mobiles

Thuisfront

Soldaten zijn soms maandenlang van huis, op missie in een ver en vreemd oord. Deze krant volgde vier gezinnen van militairen tijdens hun uitzending in het conflictgebied Mali. Hoe een missie de levens van gezinnen verandert. Een verhaal over de impact van een uitzending.

Door Liselotte Schüren en Bas van Sluis

Hij ziet het aan zijn ogen. Hij ziet het aan de manier waarop de knuistjes van zijn 2-jarige jochie tegen het dikke glas rusten. Nog een laatste keer kijkt hij om. De rij voor de paspoortcontrole wordt korter en korter. Nog vijf man voor hem. Nog vier. Nog drie.

Ferdinand Nicolai, een forse man met brede schouders, kaal hoofd en norse blik, ziet dat het stiefzusje van zijn mannetje het jochie om z'n middel vasthoudt. Ze huilt. De man fronst zijn zwarte zware wenkbrauwen en knikt. Zijn zoontje Henri kijkt hem machteloos na. Hij begrijpt er waarschijnlijk niets van.

Nicolai, een 32-jarige korporaal van het Nederlandse leger, lacht een laatste keer naar het mannetje achter het dikke glas, manoevreert stoer tussen zijn kameraden door, pakt zijn zware geelbruine legertas en zwiept die over zijn schouder. Zonder nog een keer om te kijken loopt hij zelfverzekerd door de poort. Zijn missie is begonnen. Hij hoort niet meer dat zijn zoontje hem naroept:

,,Heit… heit…PAPA... PAPA...''

Background Image

De aanloop

Een uitzending is voor het thuisfront nog heftiger dan voor de militair. Ze moeten het gewoon ondergaan. Met alle onzekerheden en angsten die daar bij horen.

"Sinterklaas'', giert Henri terwijl hij met zijn vingertje naar de grote televisie aan de keukenmuur wijst. De goedheiligman komt deze 15e november net aan in Gouda. Ferdinand Nicolai zit aan de keukentafel in zijn knusse woning in Harkema en ziet hoe drie van zijn kroost – stiefkinderen Remco en Annika en zijn dochter Alina – in opperste concentratie over een groot vel papier hangen. Het moet een kalender worden.

Henri, de vierde en kleinste, schakelt onrustig tussen zijn eigen tekening en de aankomst van Sinterklaas. Af en toe kruimelt hij wat om de tafel heen. Kruipt bij zijn vader op schoot. Trekt aan zijn oor. Om even later weer met grote halen de viltstiften over zijn kleurplaat te krassen.

Nicolai vertrekt over vier dagen vanaf vliegveld Eindhoven voor ruim vier maanden naar Mali. Daar neemt hij met zo'n 450 andere Nederlandse militairen deel aan Minusma, een missie van de Verenigde Naties (VN). Nicolai is korporaal bij de grond-, weg- en waterbouwafdeling van de Joint Support Detachment (JSD). De mannen en vrouwen die het mogelijk maken dat het leger überhaupt functioneert, zeggen ze bij de JSD wel eens met een knipoog. Zijn 38-jarige vrouw Karin zit naast hem. Het vertrek komt nu snel dichterbij.

Waar hij zorgeloos lijkt, is zij vooral bang. Ze vindt het eng zegt ze terwijl de tranen opwellen. Hij glimlacht wat. Remco, de stiefzoon, tekent doodserieus wat figuurtjes onderaan de kalender in wording. Links van hem ligt een liniaal waarmee hij zwarte lijntjes trok voor 140 vakjes. Een dag per vak. ,,Elke dag zetten we om de beurt een kruis in een vakje'', zegt Karin tegen haar dochter Alina. ,,Dan is het weer een stapje dichterbij papa's thuiskomst.'' Maar Alina plakt veel liever stickers. ,,140 stickers dus'', zegt haar moeder. Het 6-jarige meisje knikt.

Team Member

Ferdinand Nicolai

Ferdinand Nicolai (33) uit Harkema.
Korporaal bij Genie (grond-, weg- en waterbouw). Zijn vrouw Karin (38) vindt missie spannend. Kinderen zijn er ook mee bezig.
Nicolai zelf twijfelt of een uitzending nog wel goed is voor zijn kinderen.

Karin Nicolai gunt hem de missie. Maar als zij het alleen voor het zeggen had, dan bleef hij gewoon in Harkema waar ze gelukkig zijn in hun twee-onder-eenkapper. ,,Dan gaat papa over vier dagen naar dat verre land in Afrika, mama hè'', zegt Alina. Ze wijst op het eerste hokje van de kalender waarin een plaatje van een groot grijs vliegtuig is geplakt. Karin knikt. Ze kent de verhalen van Kamp Castor, de basis van de Nederlanders vlakbij de stad Gao. Ze weet dat er logistieke problemen zijn om het kamp te bouwen, wat Ferdinand als lid van het zogeheten ‘instandhoudingsdetachement' ook gaat doen. ,,Het gaat allemaal niet zo snel'', zegt Ferdinand. ,,Het is er te warm.'' Ze kan zich er weinig bij voorstellen.

Zelf is ze nog nooit in Afrika geweest. Karin heeft er moeite mee dat haar man voor bijna vijf maanden vertrekt. Bij de Thuisfrontinformatiedag van Defensie, een paar dagen geleden, hoorde ze over het Ebola-virus. Je kunt er aan doodgaan, is het enige dat ze heeft onthouden. Daar werd de dag niet veel vrolijker van. Alleen het stuk over hoe je post en pakketjes moet versturen, kon haar bekoren. Voor Karin Nicolai – een vrouw uit een doorsnee gezin, zo eerlijk als de dag – voelt het alsof deze hele missie boven haar uitstijgt. Haar man straks in een of ander Afrikaans land dat de wonden likt na een heftige oorlog. De missie naar Mali voelt te groot voor haar. Ongrijpbaar.


Video: Animatie over het land Mali.

Terwijl Sinterklaas voet aan de wal zet, pakt Karin een kop koffie en leunt tegen het keukenblad. Het is niet alleen de veiligheid van Ferdinand die haar zorgen baart. Is ze wel in staat om in haar eentje het gezin in het gareel te houden? Hij is degene die zorgt voor rust, stabiliteit en regelmaat. Hij is ook de rechtlijnige van het stel. De kinderen krijgen van hem te horen dat je schoenen, bij thuiskomst, direct opruimt. Zij vindt het niet erg dat het belegpakje kaas in de koelkast ook opengaat, terwijl de ham al open is. Karin is chaotischer, drukker. Vooral als ze spanning voelt. Dan gaat ze veel praten. Ze praat veel vandaag. Ferdinand niet, die is altijd rustig. Hij laat zich de kop niet gek maken. Straks komt het allemaal op Karin aan. Die krijgt het wel voor de kiezen, denkt hij. Het houdt hem bezig. Zij maakt zich er druk om. Iedereen heeft altijd aandacht voor de militairen die op missie gaan, zegt ze weleens tegen vrienden. Maar de thuisblijvers die 140 stickers plakken dan? Zij moet nu plots, terwijl ze onregelmatig werkt, een aantal maanden alleen voor vier kinderen zorgen. En tijdens de feestdagen is Ferdinand er niet. Tijdens hun huwelijksdag – ‘zo'n mooie dag' – is hij er niet. De verjaardagen van Alina en Henri – ‘hij doet alles voor zijn kinderen' – mist hij.

Het is een onderbelicht thema. Relatieproblemen en scheidingen komen bij militairen op missie veel voor. De ChristenUnie in de Tweede Kamer pleit al geruime tijd – gesteund door VVD en PvdA – voor een 'thuisfrontcheck'. Zonder thuisfront geen inzet, zei minister Jeanine Hennis vorig jaar nog tegen de Tweede Kamer. Op dit moment zijn er zo'n 1500 militairen op uitzending. Een getal dat – de meeste militairen zijn zo'n vier maanden op uitzending – vrij stabiel blijft door het jaar heen. Duizenden gezinnen, partners en ouders zitten dus in een dergelijke situatie.


Video: Minister Hennis (Defensie) over belang thuisfront.

,,Het is zo belangrijk dat de militair op uitzending niet wordt afgeleid door ellende thuis'', zegt Hennis-Plasschaert (zie ook video). Volgens de minister is het thuisfront cruciaal. Ze is van mening dat zij de onmisbare factor zijn die zorgt dat de militairen op uitzending kunnen.

Onlangs kwam een onderzoek van militaire vakbond AFMP onder partners en ouders van uitgezonden militairen uit. Defensie zou actiever en individueel gericht moeten nagaan welke zorg het thuisfront voor, tijdens en na de uitzending echt nodig heeft. De vakbond probeerde te achterhalen wat een lange afwezigheid door een missie doet met partners, kinderen, ouders en hun relatie met militairen.


Video: Kamerlid Segers (CU) over gevolgen uitzending.

Onder de kalender staat met een zwarte viltstift gekalkt: Papa eindelijk thuis. De 13-jarige Remco wijst Ferdinand op een poppetje dat met open armen ergens op lijkt te wachten. ,,Dat ben jij.'' Kleinere poppetjes rennen op hem af. Op die dag ergens in april, komt papa weer thuis. ,,Wanneer je terug komt, dan rennen we vast zo op jou af'', zegt Remco trots.

Als 's avonds de kinderen op bed liggen, hebben Ferdinand en Karin het er nog even over op de bank. Over de missie. Waarom zij het eng vindt. ,,Ik weet niet of ik dit wel alleen kan'', zegt Karin. ,,Ik ga je enorm missen en ik weet niet of ik daar mee om kan gaan.'' Even is het stil. ,,Maak je geen zorgen'', zegt hij. Natuurlijk maakt zij zich zorgen. Ook hij vindt de missie spannend. Hij is nooit in Afrika geweest. ,,Wat er ook gebeurt deze komende maanden, ik verlaat je niet'', zegt ze. Hij probeert een minzaam glimlachje. Bij zijn vorige uitzendingen kwam hij thuis in een leeg huis. Voor Karin is het de eerste keer, weet hij. Vier jaar geleden zou Ferdinand ook gaan, maar Karin kreeg een miskraam bij zeventien weken zwangerschap. Hij bleef thuis. Voor haar.

Karin bezweert het. ,,Dat gebeurt niet bij mij. Als jij thuiskomt, dan ben ik er. Voor jou.''  

Background Image

Vertrek


Weken leven de militairen en hun familie toe naar die ene datum. De dag van de missie. Van het afscheid. Eind november staan ze in de vertrekhal van militair vliegveld Eindhoven. Nog een laatste knuffel en een aai over de bol. Maanden zullen ze gescheiden van elkaar leven.

Ferdinand, Karin en de kinderen zitten in de verste hoek van de vertrekhal. Ver weg van de andere militairen. Nog even. De kinderen klimmen in het speelhonk, een kleurige apenkooi. Remco rijdt wat rondjes op een rood trekkertje.

Een ander stel kijkt naar de spelende kinderen van Nicolai. ,,Wat zullen ze tegen die jonge kinderen zeggen'', vraagt een vrouw met kort roodzwart haar en een kleurige bril zich af. Haar tongval verraadt dat ze van onder de rivieren is. Een jonge blonde meid, die zelf in het leger zit, reageert: ,,Papa gaat een tijdje met vakantie.''

,,Iets anders snappen ze toch niet'', stelt de mevrouw vast. ,,Op uitzending. Ze weten niet wat dat is.''

Nicolai nipt wat aan zijn cola. Zijn kaak staat strakker dan anders en hij beent onrustig rond het speelhonk. Dan loopt hij naar Karin. Omarmd gaan ze bij het glas staan met uitzicht op de start – en landingsbaan. Haar hand net boven zijn billen. Zijn arm om haar schouder. Even legt ze haar hoofd tegen zijn borst. Dan wordt er geschreeuwd dat de militairen zich in gelid moeten opstellen. Ieder krijgt een glaasje brandewijn, een traditie van de genie, de bouwers van het leger. Een hooggeplaatste officier richt zich nadrukkelijk tot de familie. ,,Vergeet niet dat u er voor zorgt dat onze mensen hun werk goed kunnen doen. Stuur ze post, mail of laat van u horen.'' Dan zet hij het lied van de mineur in. Alle militairen in gelid volgen direct en zingen uit volle borst mee.

Wij zijn de Mineurs van het Nederlandse leger
En onze naam is overal bekend,
Sodeju !
We dragen een jas met goudgehelmde knopen
De pikhouweel is ons niet onbekend,
Sodeju !
En iedereen die mag het weten,
We krijgen vanavond uijenrats te eten.
En moeder de wasvrouw staat aan de deur,
Dat is de roem van elk mineur,
Dat is de roem van elk mineur,
Sodeju !

Ze slaan de brandewijn achterover.

Een lange knuffel met Alina die haar vader nog een klein kusje op de wang geeft. Henri wordt omhoog gehouden. Annika snikt. Remco vecht tegen de tranen. En dan pakken Ferdinand en Karin elkaar stevig vast. Ze had gezegd dat ze niet zou huilen. Sterk zijn voor de kinderen. Ze aait haar man over zijn wang. Dan moeten ze loslaten. Langzaam loopt hij door de poort, naar de douane.

,,Heit, heit'', roept Henri deze 19e november tegen het glas. ,,Ik wil met papa mee… Ik wil met papa mee'', hoort Karin Nicolai haar zoontje plots zeggen. De paniek overvalt haar, grijpt haar bij de keel. ,,Ik moet hier weg'', mompelt ze tegen de vriend die hen een lift naar huis geeft. De grond onder haar voeten voelt plotseling onvast. Dan hardop: ,,Ik moet hier weg. Anders komt het niet goed.''

Pingggg...

De 39-jarige sergeant Mark Maatje is net met een kameraad vertrokken uit Emmer-Compascuum richting het militaire vliegveld Eindhoven. Het is woensdagochtend, iets na vier uur, als hij het berichtje van Josien, zijn vrouw, ziet. ,,Sophie ligt er al weer in'', ziet hij in zijn tekstscherm. Een zuinig glimlachje verschijnt. Maatje is gerust. Hij kan straks met een goed gevoel in het vliegtuig stappen naar Mali, waar hij als JSD-man zich vooral zal bezighouden met de logistiek. Amper een half uur geleden had hij het nog zwaar. Maatje ging eerder naar Afghanistan. En dat was lastig. Maar dit voelt anders. Nu moet hij zijn kleine meid van anderhalf jaar oud bijna vijf maanden missen. Ze kan net ‘papa' zeggen. Hij heeft haar extra lang geknuffeld. Maar na het sms'je is alles goed. Josien is sterk. Die kent het klappen van de zweep van het leven met een militair. Doordeweeks veel weg en van tijd tot tijd een uitzending. ,,Ik ben er klaar voor.''

Als Maatje deze 23e november aankomt in de vertrekhal, stikt het al van de mensen. Zijn collega's, vrouwen, kinderen. Allemaal om hen uit te zwaaien. Even verderop staat de 30-jarige Philip Dilling uit Groningen met zijn 19-jaar oudere vriendin Choe-Mie. Ze houden elkaar even vast. Ook korporaal Dilling, militair verzorgende bij de Geneeskundige Dienst, vertrekt naar Mali. Een paar dagen geleden heeft hij Choe-Mie ten huwelijk gevraagd.

Blog Article Figure

Ze hebben elkaar leren kennen op het verjaardagsfeestje van Jan Smit op Curaçao, grappen ze altijd. Zij was er op vakantie. Hij voor een maandenlange uitzending met de Rode Baretten uit Assen. De volkszanger trad op tijdens het Oud-en-Nieuwfeest op het Bovenwindse eiland. Ze vonden elkaar leuk. En ja, er is een leeftijdsverschil. Ook voor henzelf wat onverwacht kregen ze vier maanden geleden – aan het einde van zijn uitzending – een relatie.

Ze hebben groot plezier met z'n tweeën, maar de laatste tijd is haar te snel gegaan. Philip zat te veel in zijn eigen bubbel. Bezig met de missie naar Mali. Trainen en voorbereiden. Ze zag het gebeuren. ,,Je gaat wel weg, maar je bent nog niet weg'', zei Choe-Mie dan steeds. Totdat de bom echt een keer barstte. ,,En nu ben ik het zat'', bitste ze. Maar zo kwaad bedoelde ze het niet. Ze had, naast de boekjes over Mali vrij veel gelezen over militairen van wie de relatie na drie of vier uitzendingen toch strandde. Omdat het allemaal zo gewoon werd. De relatie hoort bij de missie, waarschuwde ze haar aanstaande man alvast. De boodschap kwam aan, ze boekten een korte vakantie naar Kaapverdië. En daar ging hij, smoorverliefd, op de knieën voor haar.

Team Member

Mark Maatje

Mark Maatje (39) uit Emmer-Compascuum.
Sergeant 1 bij 140 zware transportcompagnieteam. Zijn vrouw Josien (30) en dochter Sophie (2) blijven achter. Maatje gaat voor eerst op uitzending terwijl hij een kind heeft.

Team Member

Philip Dilling

Philip Dilling (30) uit Groningen.
Korporaal en militair verzorgende bij Geneeskundige Dienst in Assen. Verloofde Choe-Mie (49) bereidt huwelijk voor. Dilling hoopt toegelaten te worden op de Koninklijke Militaire School om militair verpleegkundige te worden.

Background Image

De leegte

Het gemis is groot. En heel af en toe, onverwacht, overvalt de leegte de thuisblijvers. Een ongrijpbaar gevoel. De partners voelen zich af en toe eenzaam, de kinderen gedragen zich anders

,,Mama, Henri zegt kuthomo.''

Het is 23 december als Alina aan de arm van haar moeder trekt. Karin Nicolai zucht. Zoiets doet hij anders nooit. Ze roept Henri bij zich. Die toont een uitdagende grijns. Ferdinand Nicolai is nu een maand weg en het valt Karin vies tegen. Ze had niet verwacht hem zo te missen. Ook de kinderen zijn van slag. Alina komt soms huilend van school. ,,Ik mis papa zo'', zegt ze dan. En ze test, net zoals de drie andere kinderen, Karin uit.

Elke avond, alleen in bed, mist Karin de warmte, een gesprek, een arm om haar heen. Elke dag proberen ze elkaar te bellen. Hij heeft het enorm naar z'n zin, vertelt hij dan. Af en toe vliegt het haar aan. Vooral omdat de kerstdagen voor de deur staan. Een vader hoort thuis bij zijn kinderen te zijn, toch? Op andere momenten herpakt ze zich. Is ze blij dat hij het naar z'n zin heeft. En dat ze dan, als het allemaal achter de rug is, denkt: was dit het nou?''

Een kleine 100 kilometer verderop zit de twee jaar oude Sophie op de grond in de woonkamer van de familie Maatje in Emmer-Compascuum. Ze speelt met de kat. Haar moeder Josien staat naast haar. Het gaat goed met ze. Want het gaat goed met Mark, weet Josien Maatje. De kerstdagen staan wel voor de deur. Normaal betekent dat gezelligheid. Nu denkt ze gatverdarrie. Josien weet dat haar man geen open boek is. Ook niet voor haar. Ze wist dus niet wat ze hoorde toen hij vertelde dat hij het juist nu even zwaar heeft, zo vlak voor de feestdagen. 5000 kilometer verwijderd van zijn vrouw en kind.

Ze gaat niet naar de Thuisfrontinformatiedag op 31 januari, georganiseerd voor het thuisfront door defensie. Ze heeft vaak genoeg contact. Josien weet ook dat de aandacht vaak naar de militairen – zij gaan toch weg? – gaat. Zij opereren in levensgevaarlijk gebied. Maar het thuisfront blijft wel achter. Kinderen die het maanden moeten stellen zonder vader of moeder. Vrouwen moeten plotseling alles alleen doen, terwijl het gezin in spanning zit. Naar het nieuws kijkt ze daarom bij voorkeur niet. Word je alleen maar onrustig van. Ze heeft geleerd van Mark's uitzending naar Afghanistan.

,,Waar is papa dan'', vraagt Josien aan haar dochter. Met een guitig koppie kijkt het kind op. Haar kleine vingertjes gaan naar het continent Afrika. ,,Papa'', zegt ze terwijl ze een geel vlak op de wereldbol aanwijst. ,,Goed zo, lieverd.'' Alsof het zo is afgesproken, vijf minuten later gaat de telefoon. Het is Mark die met haar wil Facetimen via de telefoon.

Blog Article Figure



,,Hé lieverd. Hoe gaat het daar?''

,,Goed… goed… Het is warm hier. Heel warm. En hoe gaat het met jou dan?''

,,Goed. Heel goed. Kijk Sophie. Papa op de telefoon. Wil je ook wat zeggen?''

,,Hoi Sophie. Dag lieverd. Krijgt papa een kus van jou?'' Maar het meisje blijft stil. Wat verlegen hangt ze aan haar moeder. ,,Krijgt papa een kus van jou?'', probeert Maatje het nog een keer.

Tevergeefs.

,,Ze heeft er geen zin in. Moe, denk ik. Zullen we vanavond anders nog even bellen?''

Als het telefoongesprek is afgelopen, richt Sophie, die op de grond is gezet, zich op. Met een glimlach kijkt ze weer naar de wereldbol. ,,Papa?''

Het is een rommelig kamertje van niks waar de videoverbinding wordt gemaakt. Normaal kleden artiesten zich hier om. De treurigheid spat van het kamertje in Preston Palace in Almelo, waar Defensie een contactdag houdt voor het thuisfront. Het staat in schril contrast van de rest van het hotel waar een buffet is georganiseerd en waar kinderen kunnen zwemmen. In het midden staat een groot scherm. Via een verbinding kan familie een kort gesprek houden met hun partner of familielid. De 30-jarige ziekenverzorger Philip uit Groningen zit al klaar in de legergroene tent op Kamp Castor in Mali als Choe-Mie binnen komt wandelen. ,,Hoi lieverd, hoe gaat het'', vraagt Philip met enige vertraging.

Ze vindt het elke dag wel stil als ze thuiskomt in hun huisje in Groningen. Maar door WhatsApp, telefoon en Facetime voelt het niet alsof ze uit elkaars leven zijn. Natuurlijk mist ze hem, maar ze zit niet avond aan avond huilend op de bank. Daar is ze de vrouw niet naar. Maar toch, heel af en toe heeft ze van die momenten. Vooral op zaterdag. De vaste dag dat Philip graag met haar door de stad struint. Waar zij eigenlijk helemaal niet van houdt. Het is dan ook een zaterdag dat ze in de Oude Kijk in 't Jatstraat langs het koffietentje wandelt waar Philip zo graag koffie drinkt. Ze kan er niks aan doen, maar plots vliegt het haar aan. God, wat wil ze graag dat Philip hier nu bij haar is.

,,Het gaat hartstikke goed. Ik mis je natuurlijk, maar ik red me wel'', zegt ze tegen haar aanstaande man. ,,Oke, ik hou van jou'', reageert Philip terwijl hij met twee handen naar haar zwaait.

Twintig minuten later stapt het gezin Nicolai het kamertje binnen. De 38-jarige Karin is zo zenuwachtig als een 18-jarige voor het examen van een autorijbewijs. Ze beeft zelfs een klein beetje. Ferdinand zit al met een grote grijns op ze te wachten. ,,Hallo allemaal.''

,,Je ziet er goed uit, Fred'', zegt Karin. Na vier minuten gaat de deur open. Een van de vrijwilligster van de Thuisfrontdag steekt haar hoofd eventjes om de hoek. ,,Willen jullie afscheid nemen?'' Ze hebben nog een minuut. Dan is het tijd voor het volgende gezin.

Dooo… Dooo… Dooo… Doei…Doei….Doei…. blijven de kinderen en Karin maar herhalen. Dan staat de 2-jarige Henri op en loopt naar het lichtknopje.

Klik.

Het licht gaat uit.

Lees verder in deel 2